Bruno Giacosa – het genie uit Neive


Bruno Giacosa – het genie uit Neive

Op 3 november 2010 vond een bijzondere, door mij georganiseerde proeverij plaats in restaurant Librije’s Zusje in Zwolle: 14 wijnen van “het genie uit Neive”: Bruno Giacosa. De resterende wijnen werden geproefd tijdens de “chef’s table” lunch in De Librije.

Carlo Giacosa, de grootvader van Bruno, startte zijn wijnhuis in 1871 in Neive, een gehucht binnen de DOCG Barbaresco. Hij was een commerciante en maakte dus wijn van druiven die hij kocht van verschillende boeren. Zijn zoon Mario volgde in zijn voetsporen. Bruno Giacosa werd in 1929 geboren en werkt vanaf 1944 (dus toen hij 15 was) in het familiebedrijf.

Bruno Giacosa startte zijn werk in een bijzonder moeilijke periode voor de wijnbouw in Piemonte en voor Barbaresco in het bijzonder. Deze moeilijke periode begon in 1912 toen Dominio Cavazza stierf. Cavazza was de stichter en directeur van de oenologische school in Alba en geloofde heilig in het potentieel van Barbaresco. Hij verenigde de wijnbouwers in de regio in de Cantine Sociali di Barbaresco. In 1894 werd door hen de eerste Barbaresco geproduceerd.

De periode direct na de Eerste Wereldoorlog was er een van grote armoede. Vervolgens dwong het fascistische regime de Cantine Sociali te stoppen, omdat de regering import wilde beperken door landbouwgrond maximaal te gebruiken voor het verbouwen graan of het houden van vee. Dit leidde ertoe dat in Barbaresco bijna geen wijn meer werd gemaakt. Dit in tegenstelling tot Barolo, dat al een grote reputatie had en werd geprotegeerd door het Huis van Savoy en Italiaanse diplomaten.

Pas tegen het eind van de jaren 1950 en beginjaren 1960 herrees Barbaresco, vooral door Angelo Gaja en Bruno Giacosa. De kwaliteit steeg snel tot grote hoogten, zodat Barbaresco behoorde tot de wijngebieden die in 1966 als eerste de status DOC kregen, naast bijvoorbeeld Barolo, Chianti en Brunello. In 1980 volgde de verhoging tot DOCG.

Bruno Giacosa dankt zijn roem vooral aan zijn proefvermogen, waardoor hij in staat is de beste terroirs door heel Langhe vast te stellen. Vervolgens knoopte hij banden aan met de eigenaars van die terroirs, die hem generaties lang bewonderen. Bruno Giacosa wordt vaak “Barolista” genoemd, een titel die de grootste wijnmakers in Piemonte ten deel valt. Toch ligt zijn lievelingswijngaard in Barbaresco: “Asili is de wijngaard die me het meest na aan het hart ligt. Ik kan Asili blind uit een lineup van 50 Barbaresco’s pikken, vanwege de delicate aroma’s en geweldige elegantie”, vertelde hij. “Geen andere wijngaard in Langhe heeft een dergelijk mooi bouquet of heeft een dergelijke finesse en balans.”

Wijngaarden

Het wijnhuis Giacosa begon als handelshuis en kocht druiven of most in bij betrouwbare wijnboeren. Deze wijnen werden tot in de jaren ’60 geblend tot Barbaresco of Barolo. De eerste single-vineyard Barbaresco die Giacosa uitbracht, was naar eigen zeggen de Santo Stefano 1961. Het etiket vermeldt echter eenvoudig “Barbaresco” zonder aanduiding van de wijngaard. De enige manier om onderscheid te maken met de “gewone” Barbaresco is het goudkleurige etiket, mogelijk een eerste aanwijzing van het denken dat uiteindelijk zou leiden tot het befaamde “red label”, bottelingen van de beste wijngaarden en alleen in de beste jaren. De eerste single-vineyard Barolo die Giacosa uitbracht, met hetzelfde onderscheid in etikettering was de Falletto 1964. In dat jaar bracht Giacosa ook zijn eerste echte single-vineyard wijn uit, mét het befaamde “red label”: Santo Stefano “riserva speciale” (de officiële naam voor het rode etiket). De eerstvolgende was de 1967 Barbaresco Asili en 1967 Barolo Rionda.

Al deze wijnen werden dus gemaakt van ingekochte druiven en most. Soms kocht hij druiven van wijnhuizen die zelf ook een wijn uitbrachten uit dezelfde wijngaard. Een beroemd voorbeeld daarvan is de “monopole” Santo Stefano (deze wijngaard maakt eigenlijk onderdeel uit van de wijngaard Albesani, maar heeft een volstrekt uniek terroir en mag daarom apart gevinifieerd worden), volledig in handen van de familie Stupino van “Castello di Neive”. Hoewel er ook bottelingen zijn van “Castello di Neive” wordt Santo Stefano altijd in één adem genoemd met Giacosa.

Vanaf 1967 heeft Giacosa zo’n 10 single-vineyard Barolo en Barbaresco uitgebracht. In die periode bouwde hij een hechte relatie op met de eigenaren van deze wijngaarden. Tenslotte mocht hij enkele stukjes van deze wijngaarden kopen. In 1982 werd de eerste wijngaardgrond gekocht: Falletto in Barolo. Stukjes in Asili en Rabaja volgden in 1996. Pas sinds die jaren komt de wijn derhalve van druiven van wijnstokken op exact dezelfde grond. Daarvóór kocht hij iedere keer de beste druiven. In de loop van tientallen jaren “ontdekte” Giacosa de beste stukjes en die heeft hij gekocht. Dit was geen “trucje” van Giacosa, sommige wijnboeren wensten hun druiven al jaren uitdrukkelijk alleen aan hem te verkopen. En als opvolging een probleem was, bracht deze transactie voor beide partijen een prachtige oplossing.
Saillant detail is dat het deel van Santo Stefano waarop Bruno Giacosa zijn wijnstokken verbouwde, in handen was van een kleine boer. Deze verkocht zijn land echter niet aan Giacosa, maar aan de familie Stupino. Naar wat er precies gebeurd is, kunnen we alleen maar raden.

2004 is overigens de laatste jaargang Rabaja, omdat de regelgeving niet meer toestaat deze afzonderlijk te bottelen. De wijn moet formeel onder Asili worden uitgebracht. Giacosa vindt de verschillen in het terroir echter dermate groot dat de voormalige Rabaja onder een andere naam uitgebracht gaan worden; deze naam is nog niet bekendgemaakt.

Sinds een aantal jaren is een duidelijk onderscheid aangebracht tussen de wijnen van eigen wijngaarden en de rest. De wijnen uit eigen wijngaard worden uitgebracht door “Azienda Agricola Falletto”, de overige wijnen door “Casa vinicola Bruno Giacosa”.

Giacosa communiceert sinds kort ook heel helder dat er nu nog maar drie wijnen zijn die in zeer goede jaren met een rood etiket worden uitgebracht: Barbaresco Santo Stefano, Barbaresco Asili en Barolo Le Rocche del Falletto.

De wijnen buiten Barolo en Barbaresco

Giacosa heeft wereldfaam verworven met zijn wijnen uit Barolo en Barbaresco, maar hij negeert veel nederiger afkomst en druiven niet, zoals blijkt uit het feit dat hij niet alleen drie d’Alba monocépages – Barbera, Dolcetto en Nebbiolo – uitbrengt, maar vooral dat hij hiervan de wijnen van specifieke wijngaarden afzonderlijk vinifieert en op de markt brengt.

Giacosa maakt ook twee spumante’s in zowel wit als rosé, beide van pinot nero. In de jaren ‘80 stapte Giacosa voor de productie hiervan over op de “méthode champenoise”.

Bijzonder vermeldenswaard is zijn roero arneis. In de jaren ‘70 was Giacosa samen met Vietti de enige producent hiervan. Zonder deze wijnmakers was de druif hoogstwaarschijnlijk uitgestorven.

Productie

Giacosa hoort bij de traditionalisten, maar wordt omschreven als “updated traditionalist” door Nicolas Belfrage (MW, gespecialiseerd in Italiaanse wijn). Hij noemt als voorbeeld dat de maceratie op de schillen tot 30 dagen kan duren, maar nooit meer dan 50 dagen, zoals gebruikelijk in de echt oude methode. Giacosa gebruikt 50 hectoliter botti, gemaakt van Frans eiken.

De kwaiteit is altijd hoog, of de druiven nu gekocht worden of zelf verbouwd. Een duidelijk voorbeeld van de maatstaven van Giacosa is 2002, een jaar waarin geen enkele wijn werd uitgebracht. In 2003 alleen Asili als single-vineyard. Een ander voorbeeld: 1998 is de laatste botteling van de single-vineyard Gallina di Neive. Giacosa vond de wijnen kennelijk niet voldoen aan zijn maatstaven voor single-vineyard. De druiven gaan nu in de gewone Barbaresco.

Tot grote verbazing van velen heeft Giacosa besloten jaargang 2006 niet uit te brengen. Op Internet staat dat Giacosa 2006 geen goed jaar vond, maar dat klopt niet. Op het domein werd ons verteld dat het een besluit was dat door niemand anders dan Bruno Giacosa zelf werd genomen, omdat hij de wijn niet in lijn vond met de transparante stijl die hij zoekt. De 2006 is in zijn ogen te krachtig, te geconcentreerd. De wijn is in zijn geheel als sfuzo (niet gebottelde wijn) aangeboden aan andere bottelaars.

De rendementen die Giacosa accepteert, zijn relatief hoog. Zelfs voor de single-vineyard wijnen is het rendement 45 hl/ha. Voor zijn topcuvée (Le Rocche del Falletto) is dat nog altijd 40 hl/ha. Zijn filosofie wijkt hierin dus volledig af van de nieuwe generatie, met aan kop Roberto Voerzio die zo ver gaat dat hij terugsnoeit tot maximaal 5 trossen aan een wijnstok, die elk worden teruggeknipt tot een tros van maximaal 100 gram.

Dante Scaglione
Dante Scaglione

In 1990 nam Giacosa Dante Scaglione in dienst als (co?)-wijnmaker. 1990 was een zeer groot jaar, een eerste rij topwijnen in een indrukwekkende serie, culminerend in de glorieuze 2004 Le Rocche del Falletto, ongetwijfeld een klassieker in de dop.

In 2006 kreeg Bruno Giacosa een hersenbloeding, maar hij is daarvan volledig hersteld. Zijn dochter Bruna neemt langzaam maar zeker het domein over. Dante Scaglione verschilde regelmatig van mening met haar en nam ontslag en werd in 2006 opgevolgd door Giorgio Lavagna, voorheen wijnmaker bij Batasiolo in La Morra. Over de exacte rolverdeling is nooit gecommuniceerd.

Conclusie

Bruno Giacosa maakt deel uit van het handjevol genieën dat Italië op het gebied van wijnmaken kent, met illustere figuren als Giuseppe Quintarelli en Eduardo Valentini. Deze wijnmakers blinken uit in een consistente, extreem hoge kwaliteitseis en maken wijnen die – naast een expressie van de streek waarin ze zijn gemaakt – de signatuur dragen van de maker. Iedere wijnliefhebber die wijnen van hun hand heeft geproefd, weet dat hun naam op het etiket een garantie is voor de hoogst haalbare kwaliteit.

En zo nu en dan voor de zeldzame ervaring écht grote wijn te drinken, een onvergetelijke ervaring…

Labels

Bruno Giacosa brengt de volgende wijnen uit op zijn twee labels:

Casa vinicola Bruno Giacosa:

  • Roero Arneis
  • Spumante
  • Barbaresco Santo Stefano
  • Nebbiolo d’Alba
  • Nebbiolo d’Alba Valmaggiore
  • Barbera d’Alba
  • Dolcetto d’Alba
  • Dolcetto d’Alba Basarini

Azienda Agricola Falletto:

  • Barbaresco Asili
  • Barbaresco Rabaja
  • Barolo Falletto
  • Barolo Le Rocche del Falletto
  • Barolo Vigna Croera (sinds 2004)
  • Barbera d’Alba Falletto
  • Dolcetto d’Alba Falletto

Dit artikel is eerder verschenen in Proefschrift.